index

Inactivatie tijdlijn schimmels en bacteriën

Inactivatie Tijdlijn

Temperatuurverloop tijdens het stomen met inactivatiemomenten per bacterie (●) en schimmel (▲). Klik op een punt voor meer informatie.

Klik op een datapunt voor meer informatie over de soort.

Bacteriebronnen: Spinks et al. (2006); Harrigan & McCance (1976); Goodfellow & Jones (2015); AASV (2021). Schimmelbronnen: Yaguchi et al. (2012); Dijksterhuis et al. (2007); ScienceDirect (2002); PubMed (1990). Inactivatieberekening via TDT-integratie (Bigelow-methode).

Van temperatuur naar effect: wat de tijdlijn laat zien

De onze andere grafieken toonden twee dingen apart: hoe de temperatuur in de hooibaal oploopt tijdens het stomen, en bij welke temperatuur bacteriën en schimmels afsterven. Deze tijdlijn brengt die twee samen. Elk punt op de grafiek — een cirkel voor een bacterie, een driehoek voor een schimmel — markeert het moment waarop die specifieke soort tijdens de stoomsessie onschadelijk wordt gemaakt. Zo ziet u niet alleen dát het stomen werkt, maar ook precies wanneer.

De Bigelow-methode: rekenen met warmte

De inactivatiemomenten zijn niet geschat, maar berekend via TDT-integratie volgens de Bigelow-methode — een wetenschappelijk erkende aanpak uit de levensmiddelentechnologie die ook wordt gebruikt bij pasteurisatie en sterilisatie. De methode houdt rekening met zowel de bereikte temperatuur als de duur van die blootstelling. Een kortere tijd op hogere temperatuur kan hetzelfde effect hebben als een langere tijd op lagere temperatuur. De grafiek maakt die afweging zichtbaar voor elke soort afzonderlijk.

Niet elke soort is even gevoelig

De spreiding van de datapunten laat iets belangrijks zien: bacteriën en schimmels verschillen sterk in warmtegevoeligheid. Sommige soorten worden al vroeg in de stoomsessie inactief, anderen vereisen dat de kern van het hooi langer op temperatuur blijft. De punten die als "niet inactief tijdens sessie" worden gemarkeerd (—) zijn de meest hittebestendige soorten — dit zijn ook de soorten waarbij stomen het meest kritisch is ten opzichte van simpelweg natmaken of weken.

Waarom dit relevant is voor uw paard

Paarden met luchtwegproblemen, zoals inflammatoire luchtwegaandoening (IAD) of heaves, zijn gevoelig voor ook kleine hoeveelheden schimmelsporen en bacterieel stof. De tijdlijn maakt inzichtelijk in hoeverre een stoomsessie de belangrijkste pathogenen effectief aanpakt — en waar de grenzen liggen. Heeft u vragen over welke hooistomer bij uw situatie past, of wilt u meer weten over het stoomproces? Neem dan gerust contact op of verken onze kennisbank.